Klein Duimpje en de Reus
Intro kleinduimpje.jpg
De reus
Geopend 1998
Opgetekend door Charles Perrault
Ontwerp Ton van de Ven
Ingesproken door Ton van de Ven
Figuren Reus, Klein Duimpje
Vorige Indische Waterlelies
Volgende Repelsteeltje
Sprookjesbos, overzicht

Klein Duimpje en de Reus is het drieëntwintigste sprookje op de route in het Sprookjesbos, gebaseerd op de versie van Charles Perrault. In de Efteling is Klein Duimpje al aanwezig sinds de vroege jaren vijftig op de prullenmanden, maar de reus kwam pas in 1998 in wat tot dan een deel van de oude Siertuin was, ontworpen door Ton van de Ven.

Het sprookje

Het sprookje, dat in heel Europa en in Latijns-Amerika in verschillende hoedanigheden voorkomt, is het meest bekend in de versie van Charles Perrault. De vertelling door Perrault werd onder de noemer Le Petit Poucet voor het eerst gepubliceerd in zijn Contes de ma Mère l'Oye ('Sprookjes van Moeder de Gans'), in 1697.

Klein Duimpje verhaalt over een arm houthakkersgezin met zeven zoons. Het jongste, kleinste zoontje, wordt 'Klein Duimpje' genoemd, omdat het jongetje toen hij geboren werd, net zo groot was als de duim van zijn vader. Een nijpende hongersnood doet de ouders van Klein Duimpje besluiten de kroost achter te laten in het bos. De jongens zwerven 's nachts door het woud en kloppen hongerig aan bij een huis, waar een reus blijkt te wonen die kinderen eet.

De vrouw die hen binnenlaat verstopt de kinderen onder het bed, maar de reus ruikt de kinderen en draagt de vrouw op ze voor hem klaar te maken. Maar eerst moeten de jongens vetgemest worden en na een feestmaal worden ze naar bed gestuurd. De kinderen blijken hun slaapkamer te delen met de zeven lelijke dochtertjes van de reus. Klein Duimpje komt hierdoor op een idee en zet de kroontjes van de meisjes op de hoofden van zijn broertjes en zichzelf. De dochtertjes krijgen de mutsen van de jongens op hun hoofd. 's Nachts wordt de reus wakker van de honger en sluipt naar de slaapkamer voor een hapje kindervlees. Echter, de reus eet door Klein Duimpjes list per ongeluk zijn eigen zeven dochtertjes op! De jongens ontsnappen uit het huis zodra de reus in slaap is gevallen.

Als de reus de volgende ochtend ontdekt dat hij is bedrogen gaat hij in het bos de jongens achterna op zijn zevenmijlslaarzen, waarmee je in één stap zeven mijl kunt afleggen. Precies wanneer de reus de kinderen bijna te pakken heeft wordt hij erg moe en valt hij tegen een rotsblok aan in slaap. Klein Duimpje stuurt zijn broers naar huis en steelt zelf stiekem de zevenmijlslaarzen van de reus en trekt ze zelf aan.

Met een paar stappen is Klein Duimpje terug bij het huis van de reus en hij vertelt de vrouw dat de reus gevangen is genomen door rovers, en dat hij pas weer wordt vrijgelaten als de vrouw al het geld en de schatten van de reus aan hen betaalt. De vrouw overlaadt Klein Duimpje met al het goud uit de schatkamer van de reus, en met zijn armen vol rijkdommen keert Klein Duimpje terug naar zijn broers en vader en moeder, die nooit meer honger hoeven te hebben.

Het sprookje in het Sprookjesbos

Klein Duimpje en de Reus

Het sprookje van Klein Duimpje en de Reus werd in 1998, samen met het sprookje Repelsteeltje toegevoegd aan het Sprookjesbos. Het sprookje lag aan een speciaal daarvoor aangelegd nieuw pad op de Sprookjesbosroute in een gebied dat daarvoor nog toebehoorde aan de Siertuin.

Het sprookje is ontworpen door Ton van de Ven en mede door Karel Willemen gemodelleerd. De uitbeelding van de reus kenmerkt zich door een voor het Sprookjesbos ongebruikelijk kleurenpalet met zachte pasteltinten, en het materiaalgebruik zorgt voor een weinig realistische aanblik.

Ontvangst

Ton van de Ven bij de reus

Deze dissonanten maken dat Klein Duimpje, samen met Repelsteeltje, destijds op weinig enthousiasme konden rekenen van de Eftelingliefhebbers op Wonderchat. Er is een vermoeden dat voor beide sprookjes weinig tijd was in een jaar waarin de eveneens door Ton van de Ven ontworpen attractie Vogel Rok werd geopend. Daarnaast gaat het verhaal dat Ton van de Ven zijn twee sprookjes alvast heeft doorgeduwd terwijl al bekend was dat een jaar later de herberg uit Tafeltje-dek-je en het kasteel van de stiefmoeder van Sneeuwwitje van de hand van Henny Knoet na eerder uitstel tóch in het Sprookjesbos zouden verschijnen, evenals Van de Vens Chinese Nachtegaal. Door deze spurt aan activiteit kreeg het Sprookjesbos er in zeer korte tijd plotseling vijf nieuwe sprookjes bij, na een hiaat van tien jaar sinds de komst van de Trollenkoning in 1988.

Uitbeelding

Een zijaanzicht van de reus

De uitbeelding van het sprookje bestaat uit een vier meter lange reus die in de buitenlucht, omringd door een smalle waterpartij, ligt te slapen tussen wat rotsblokken. De reus ademt zichtbaar en laat een knorrend gesnurk horen. Uit de jagerstas van de reus piept zo nu een dan de staart van een eekhoorntje. Nabij de voeten van de reus bevindt zich tussen de varens een kleine animatronic van Klein Duimpje.

Het sprookje heeft een zekere mate van interactiviteit: om Klein Duimpje tevoorschijn te laten komen dienen kleine Eftelingbezoekertjes zijn naam te brullen in de boomstronk-met-microfoon die voor het sprookje staat. Op de boomstronk zit een bordje met een rijm erop:

Weet je waar Klein Duimpje is?
Roep 'm hier, hij komt gewis!
Zou het hem nu toch gaan lukken
zo'n Zeven mijlslaars weg te plukken?
Pas wel op! Roep niet te luid!
De kans is klein en snel verbruid!
De reus in slaap is licht te storen...,
let maar op z'n grote oren...!

Tijdens de Winter Efteling doet de reus min of meer dienst als een alternatieve kerstman: naast de uitbeelding van het sprookje is gedurende de wintermaanden een grote arrenslee vol kadootjes te vinden.

Meer Klein Duimpje in en om de Efteling

Duimpje boven de prullenmanden
  • Een verwijzing naar het sprookje is al sinds de vroege jaren vijftig in het park te vinden in de vorm van Klein Duimpje-prullenmanden.
  • Het ornament van de prullenmanden wordt ook gebruikt op de bewegwijzering van het Efteling Golfpark.
  • Klein Duimpje is als decoratief element te vinden op de gevel van het verkooppuntje In de Gelaarsde Kat, waarbij Duimpje middels een eenvoudig mechaniek steeds zijn mutsje op- en af zet.
  • De zevenmijlslaarzen uit het sprookje dienen als wegwijzers naar het park langs de Efteling Fietsroute.
Klein Duimpje is afwezig
Reus in onderhoud bij PVB in Hulst (2006)
  • Het jaarlijkse hoogseizoen van de Efteling, dat ongeveer gelijkloopt met de grote schoolvakantie, wordt sinds 1996 de Zeven Mijls Zomer genoemd.
  • In 2011 bood de Efteling een zogenaamd Klein Duimpje-abonnement aan, dat alleen geldig was op doordeweekse dagen.

Klein Duimpje en de Reus in de media

  • Klein Duimpje en de Reus zijn twee van de hoofdfiguren in de Sprookjesboom. In de setting van de Sprookjesboom heeft Klein Duimpje de laarzen van de reus al gepikt en zit de Reus Klein Duimpje hier voortdurend om achterna. Tevens is Klein Duimpje verliefd op Roodkapje.
  • In 1970 verscheen het sprookje op het tweede deel van de elpee Sprookjes van de Efteling.
  • Het sprookje werd middels tekeningen in zand uitgebeeld in één van de afleveringen van Sprookjes van Klaas Vaak.
  • Het sprookje werd opgevoerd in het vierde deel (tijdens het tweede seizoen) van de televisieserie Efteling Sprookjes. In deze uitbeelding werd Villa Volta gebruikt als het huis van de reus.

Wetenswaardigheden

  • Het gesnurk dat de reus laat horen is het ronkende stemgeluid van Ton van de Ven.
  • Hoewel de muts van Klein Duimpje geen onbelangrijk element in het verhaal is, werd pas in 2004 een muts op het hoofdje van de figuur gezet.
  • In 2006 vertrok de reus voor een grote onderhoudsbeurt een tijdlang naar het Zeeuwse polyesterverwerkende bedrijf PVB. In een krantenartikel liet de eigenaar van het bedrijf zich ontvallen dat men bezig was aanvullende elektronica in het hoofd van de reus in te bouwen, voor extra bewegingen en: "Misschien laten ze rook uit zijn neus komen." Van rook uit de reuzenneus is het uiteindelijk nooit gekomen.[1]
  • Afgaande op de nationaliteit van de Perrault, is het aannemelijk dat de Franse mijl wordt bedoeld. Dat is een mijl (mille) van 1000 toise, ofwel ca 1800 meter. De laarzen waren dus in staat tot het overbruggen van 12,6 km in een enkele pas. En dat valt dan nog best mee. Duitse zevenmijlslaarzen overbruggen ruim 52 km per stap!
Verwijzingen
  1. Provinciale Zeeuwse Courant: 'Efteling-reus krijgt nieuw verfje' (25 februari 2006)