Henny Knoet
Henny Knoet met zijn creatie Pardoes in 2007
Henny Knoet met zijn creatie Pardoes in 2007
Volledige naam Hendricus Cornelis Maria Knoet
Alias Henny
Geboren 3 mei 1942
Overleden 26 augustus 2013
In dienst 1 september 1979
Uit dienst 10 mei 2007
Beroep(en) vormgever, ontwerper
Nationaliteit Nederlands
Bekend als geestelijk vader van Pardoes en ontwerper van o.a. Monsieur Cannibale
Personen

Hendricus Cornelis Maria (Henny) Knoet (Bergen op Zoom, 3 mei 1942 - Sprang Capelle, 26 augustus 2013) was een Nederlandse ontwerper en vormgever. Henny Knoet was van 1 september 1979 tot 10 mei 2007 in dienst bij de Efteling, eerst als vormgever, later als ontwerper.

De bekendste bijdrage van Henny Knoet aan de Efteling is de parkmascotte Pardoes de Tovernar. Als geestelijk vader van de nar was Knoet verantwoordelijk voor zowel het ontwerp van het figuurtje (in verschillende versies door de jaren heen), als zijn thematische context, het Pardoesuniversum met karakters als Pardijntje, Pardulfus, Pantagor en Pardoes' thuisplaneet Symbolica. De attractie Symbolica, alhoewel pas na zijn dood gebouwd, is ook gebaserd op Knoets ideeën en personages.

Daarnaast is hij bekend van kleurrijke attracties in het Reizenrijk zoals Monsieur Cannibale en de Kleuterhof en twee sprookjes aan het Herautenplein: Herberg de Ersteling en het Kasteeltje van de Stiefmoeder van Sneeuwwitje.

Jeugd

Henny Knoet werd tijdens de oorlog geboren in de Wassenaarstraat in Bergen op Zoom en in die plaats bracht hij ook het langste deel van zijn jeugd door. Met zijn buurkinderen maakte hij een circus voor de buurt. De Carnavalsoptocht en de Mariaommegang maakten indruk op hem, en hij wilde ook iets doen in het maken van dergelijke kostuums en wagens. Hierdoor kwam hij terecht bij kunstenaar Louis Weijts, die ook carnavalsprenten maakte. Bij Weijts volgde hij tekenles op zondag, later mocht hij het ontwerp van Weijts voor de Prinsenwagen uitvoeren. Bij het carnaval van Halsteren ontwierp en bouwde hij mee aan vele wagens voor de optocht.[1] Knoet besloot een grafische opleiding te volgen.

Werk voor de Efteling

In zijn lange tijd bij de Efteling heeft Knoet zich eerst als vormgever bezig gehouden met het Spookslot. Daarna werd hij in 1979 aangesteld als assistent van Ton van de Ven. In die rol mocht hij vooral kleinere attracties en infrastructurele zaken ontwerpen.

Kennismaking met de Efteling

Henny Knoet, begin dertig, kwam voor het eerst in aanraking met de Efteling in het midden van de jaren zeventig. Hij had al een baan in Tilburg, maar ging toch op sollicitatiegesprek. Er was niet meteen een plek, maar Ton van de Ven zou hem benaderen zodra er aan een nieuw project begonnen werd. Knoet ging in de tussentijd werken in Zuid-Duitsland bij een bedrijf dat werkzaam was in de thema-etalages, waarbij hij verantwoordelijk was voor het maken van grote modellen van bijvoorbeeld kerstmannen en paashazen.

Na korte tijd kwam hij terug, en wat Ton had gezegd gebeurde: het eerstvolgende Eftelingproject zou het Spookslot zijn. Knoet ging opnieuw langs en raakte enthousiast voor het project. Er zouden 'mooie bijzondere unieke dingen' gemaakt worden en hij kon tijdelijk aan de slag als vormgever.

Spookslot

Henny Knoet en Joop de Bont werken aan het Spookslot

Knoet werkte zowel aan de buitenkant als aan het interieur. Samen met Henk Smulders en Joop de Bont gaf hij het project vorm. De eerste opdracht was het maken van Keltische hiërogliefen aan de linkerzijde van de entree van het slot. Het was een voor de Efteling buitengewoon groot project, en lang niet alle ontwerpen waren uitgewerkt. Vormgevers kregen hierin de vrije hand, waarmee één van de grafstenen voor de entree feitelijk zijn eerste ontwerp voor de Efteling werd.

Een anekdote over de bouw van het Spookslot:[1]

We waren natuurlijk meesters in het beduvelen van de werkelijkheid - want het was allemaal decor wat je zag. Zelfs de roest op de scharnieren was nep. Een journalist in een artikel over het net geopende Spookslot beschreef euforisch dat zelfs het mos en de alg nog op de stenen van de ruïne waren aangebracht. Natuurlijk was dat ook zo - geen echte, maar imitatie. Ja, wat dat aangaat, daar kon je je hart ophalen om de meest fantastische dingen te doen.

Ook geeft hij de door Anton Pieck ontworpen, achter het slot geplaatste Matroos Gijs vorm. Waarschijnlijk is dit de enige keer dat Knoet rechtstreeks aan een Pieckontwerp heeft meegewerkt.

Plattegrond

De plattegrond van 1986

Na zijn vormgevingswerkzaamheden op en rond het Spookslot maakt Knoet zijn eerste ontwerp voor het park: een frontpaneel voor een nostalgische poffertjeskraam. De kraam in die verschijning zou er echter niet komen.[2] Wat wel van Knoets hand kwam was een nog veel zichtbaarder project: de parkplattegrond. De illustratie, met jaarlijkse aanpassingen, was maar liefst van 1982 tot 2013 in gebruik en vele miljoenen parkbezoekers hebben hiermee hun weg in het park gevonden.

Game Gallery en Oude Tuffer

Als vormgever werkte Henny Knoet in 1981 en 1982 aan de inrichting van het Python-areaal. Hier was veel ruimtelijk ontwerp nodig, zoals de plaatsing van bloemperken en keuzes in meubilair. Ook de gemetselde opgang naar de Game Gallery kwam van zijn hand. De radiografisch bestuurbare bootjes en de Polka Marina werden in de plannen verwerkt en zijn eerste echte ontwerpklus was de Oude Tuffer. De lay-out en inrichting inclusief gebouwen en elementen rondom de baan werden uitgevoerd, maar voor het station waar Knoet een schuur met 'opvliegende kippen' had bedacht maakte Ton van de Ven een alternatief ontwerp dat wel gerealiseerd werd.

Bij de Game Gallery bleef hij betrokken als ontwerper; alhoewel de spellen vaak nauwelijks aankleding hadden, ontwierp Knoet bijvoorbeeld de naamborden voor elk spel.

Monsieur Cannibale

Oorspronkelijk ontwerp Monsieur Cannibale

Na de komst van Carnaval Festival naar het Noorderpark in 1984 wilde de directie dat de rest van dit gebied werd ingericht met het oog op jonge gezinnen. Als opvulling koos men voor een "theekopjes"-attractie van Mack, en Knoet werd gevraagd hier een thema voor te bedenken. In kleurgebruik moest hij aansluiten bij de primaire kleuren van Carnaval Festival. Hij kwam met een Franse gendarme met autootjes, en een kannibaal met kookpotten. Die laatste werd het: Monsieur Cannibale. Er ontstond een discussie met het meldpunt voor discriminatie, en Knoet moest uiteindelijk de kannibaal aanpassen naar een vegetariër met stukjes fruit en een wit koksmaatje.

De attractie werd door Knoet bewust geïntegreerd in de omgeving en niet overdekt. De latere overkapping vond hij maar niets en afbreuk doen aan het oorspronkelijke idee.[3]

Kleuter- en doolhof

Ontwerpen Kleuterhof

Aansluitend op het ingezette thema van de 'generieke vrolijkheid' in het Noorderpark mocht Knoet voor 1994 een nieuwe speeltuin voor kleine kinderen ontwerpen. Knoet ging aan de slag en ontwierp een aantal zeer kleurrijke speeltoestellen, die in eigen huis gebouwd werden. Intern was er veel gemor over dit ontwerp, dat natuurlijk in het geheel niet Piecks was. Ook bij Efteling-liefhebbers kon het op weinig goedkeuring rekenen.

Het jaar daarop opende ook in het Noorderpark de derde attractie van Knoets hand: de Kinder Avonturendoolhof. Ook hierin vinden we een aantal thema-objecten, die maar weinig link lijken te hebben met reeds bestaande elementen in de Efteling.

Tafeltje Dek Je en Sneeuwwitje

Ontwerp Herberg Tafeltje Dek Je

Al in de jaren tachtig ontstonden er plannen om het Herautenplein aan te kleden, met name de westkant gaf te goed zicht op de parkeerplaats. In 1984 werd Ezeltje Strek Je, die aanvankelijk zonder context in de Speeltuin stond, verplaatst naar een door Henny Knoet nieuw ontworpen pleintje met ronde bloembakken met bankjes tussen de Grot van Sneeuwwitje en het Sprookjesmuseum. Voor 1986 ontwierp hij daarop aanvullingen op de sprookjes, die uiteindelijk pas in 1999 gerealiseerd werden. De knuppel en spiegel hingen los in het Sprookjesmuseum, die laatste als veredelde lachspiegel. Hij bracht deze elementen samen om daarmee het Herautenplein af te ronden met Herberg de Eersteling en het Kasteeltje van de Stiefmoeder van Sneeuwwitje. De Duivenvoer-automaat, onderdeel van het plan uit 1986, werd echter niet uitgevoerd.

Knoet vond het een eervolle opdracht iets voor het Sprookjesbos te mogen maken, en zocht naar een stijl die paste maar ook zijn eigen was. Voor het kasteeltje was de uitdaging om een kasteel, normaal iets heel groots, in de afmetingen die beschikbaar waren toch imposant te laten zijn. Ook moest het contrast duidelijk worden tussen het adellijke kasteel, en de volkse herberg.[1]

De sprookjes zijn na Pardoes hetgeen waar hij het meest trots op was in zijn werk voor de Efteling.

Pardoes

Pardoes-illustratie uit 1989
→
Zie lemma Pardoes voor een uitgebreide wordingsgeschiedenis van de tovernar.


Halverwege de jaren tachtig is de Efteling door de komst van nieuwe attracties als de Python en Carnaval Festival een stuk diverser dan voorheen, en dekken de klassieke Anton Pieck-figuren als Kleine Boodschap, tot dan toe in gebruik op allerlei drukwerk en promotiemateriaal, als beeldmerk de lading niet meer. Ook komt er behoefte aan merchandise. Cees Kikstra vraagt Knoet om wat ideeën te vormen voor een mascotte. Op basis van eerdere ideeën rond een narfiguur en Jokie maakt Knoet de eerste schetsen voor een hofnar.

Min of meer bij toeval kwam de nar terecht op het briefpapier en binnen de kortste keren was er ook een lopend figuur in het park; "tover-nar" Pardoes was geboren. De mascotte ontwikkelde zich in een rap tempo door. In de jaren negentig ijverde Knoet voor een 'Huis van Pardoes' midden in het park. Tegelijkertijd kwamen er ook plannen voor een nieuwe parkinfrastructuur met entreelaan. Knoet ontwierp samen met Chris van Grinsven de Pardoes Promenade die zou uitmonden in het Wonderplein waarop het Huis van Pardoes te vinden zou zijn. Langs de promenade ontwierp hij bijzondere lantaarnpalen, de Wonderwachters en een bijzondere fontein: de Levensbron. De Promenade en plein (onder de naam Brink) kwamen er, het Huis van Pardoes voorlopig niet.

Stijlboek Symbolica

Tijdens zijn laatste periode bij de Efteling en ook daarna nog heeft Henny Knoet zijn visie op de toekomst van Pardoes vastgelegd in een omvangrijk stijlboek. Dit stijlboek is een belangrijke basis voor de vormgeving en inhoud van het Fantasierijk dat de Efteling vanaf 2012 in delen opent in het hart van het park. Op basis van het stijlboek is ook een televisieserie De Magische Wereld van Pardoes gemaakt, en wordt de enorme attractie Symbolica gebouwd op de Brink.

In 2011 terugkijkend op zijn periode bij de Efteling vertelt hij:[1]

Ik ben het meest trots op Pardoes, maar eigenlijk op de hele wereld die daar aan verbonden is en die nog zo onbekend is. Die gaat wel bekend worden, daar ben ik vast van overtuigd. Die wereld heet Symbolica en daar komt ook Prinses Pardijn vandaan en nog een aantal hoofdpersonages door wie hij grootgebracht is. Maar die wereld, daar heb ik met mijn opvolger Sander de Bruijn, heel hard aan gewerkt de laatste anderhalf jaar voordat ik met pensioen zou gaan. Dus we hebben een boek samengesteld, fantastisch mooi, waarin dat allemaal beschreven en vastgelegd is. Daar ben ik enorm trots op.

Efteling-portfolio

Knoet rond 2000
Knoet in 1995

Ontwerper

Buiten de Wereld van Pardoes is Henny Knoet als ontwerper onder andere verantwoordelijk geweest voor:

Nijltje in het Teiltje
De Bank

Stemacteur


Geluidsfragment Nijltje

De stem van Knoet is op vele plaatsen te horen in de Efteling:

Ook sprak hij de stem in van Pantagor in de openingsact van Winter Efteling 2001-2002, en kun je hem horen in de Pardoes-computerspellen en op de eerste twee Sprookjes-cd's.

Ontwerp

Visie

Henny Knoet bij de opening van de Schatkist, 2003

Henny Knoet verwoordt zijn visie op ontwerpen voor de Efteling bij zijn pensioenering in 2007 als volgt:[4]

[Een ontwerper bij de Efteling] moet zijn werk altijd door de ogen van de kleine en grote bezoeker kunnen bekijken. Hij mag zijn verwondering nooit verliezen. En hij moet dienstbaar zijn. Niet groter willen zijn dan het park en per se zijn eigen stempel willen zetten. Ontwerpers komen en gaan, maar de Efteling moet altijd eenzelfde sfeer uitstralen, een wondere wereld zijn van sprookjes en ander vermaak waar mensen even kunnen ontsnappen aan de alledaagse realiteit. En dat allemaal in een echte parkomgeving. Dat groene karakter hebben wij gelukkig altijd vast weten te houden.

Ontwerp in de uitvoering

Over de samenwerking met Henny Knoet met betrekking tot de vertaling en uitvoering van Knoets ontwerpen vertelt architect Jan Verhoeven:[5]

Henny Knoet kon absoluut mooi tekenen. Neem nou Monsieur Cannibale, dat heeft hij briljant gedaan. Dat zou Ton niet verbeterd hebben, dat weet ik zeker. Maar je moest niet aan Leo Pulles vragen wat voor een getob hij gehad heeft om dat ontwerp in de maten te krijgen. Henny kon mooi tekenen, maar hij verdomde het om op schaal te tekenen. Dus als iets gemaakt moest worden dan kregen we in het veld ruzie. Want als men dan bezig was dan kwam Henny en die zei: "zo heb ik het niet bedoeld". Hoe dan wel? - nóóit klopte het. De tekening was mooi van één kant gezien, maar als je dan vroeg of hij het van de achterkant wilde tekenen, en hij zou dat tekenen, dan zou je de voorkant er niet meer in kunnen herkennen. Hij was er echt eentje voor de carnavalswagen, ornamentele beelden, figuren.

Stijl en kritiek

Clownswip in de Kleuterhof

De signatuur van Henny Knoet is in veel van zijn Efteling-ontwerpen goed te herkennen; bolle, vaak vrij eenvoudige vormen en uitgesproken kleuren zorgen voor een palet dat een kinderlijkere uitstraling heeft dan het werk van Anton Pieck of Ton van de Ven. Intern werden zijn ontwerpen voor het Noorderpark niet altijd gewaardeerd; hijzelf bracht hier tegenin dat hij vooral moest aansluiten bij Carnaval Festival en niet zozeer bij meer Pieckse attracties. Ook bij liefhebbers was deze vormgevingstaal tot het begin van de eenentwintigste eeuw niet geliefd.

Met de komst van ontwerpers wiens stijl nog veel verder af staat van de canonische stijlkenmerken van de Efteling is deze kritiek verstomd. Veel liefhebbers zien de typisch "knoeteriaanse" bollen en bogen van Sander de Bruijn aan Polles Keuken nu als een verademing na het werk van ontwerpers als Marieke van Doorn.

Samenwerking met Ton van de Ven

Illustratie te realiseren Kabouterdorp, 1979

Henny Knoet heeft een stroeve relatie gehad met creatief directeur Ton van de Ven. Van de Ven bewoog zich als direct opvolger van Anton Pieck duidelijk in het Pieckeriaanse korset, terwijl Knoet meer zag in een veel eigener stijl. In het begin waren er explosieve confrontaties, bijvoorbeeld toen Knoet in het geniep het 'wasvrouwtje' had toegevoegd in het Kabouterdorp toen Van de Ven op vakantie was. Knoet leerde zich "koest te houden".[3]

Knoet mocht kleine attracties en infrastructurele zaken ontwerpen terwijl Van de Ven de grote nieuwe rides voor zijn rekening nam. Omdat hij zowel politiek als misschien ook wel kwalitatief geen match was voor de creatief directeur moest Knoet zich altijd op het tweede plan stellen. Veel van zijn voorstellen werden gevetood door Van de Ven. Niettemin kwamen sommige van die voorstellen er later toch, zoals zijn sprookjes en mascotte Pardoes. Knoet heeft ook opdrachten uitgevoerd waar Ton van de Ven zelf geen interesse in had. Een voorbeeld hiervan zijn de Informatiekiosken en De Bank op het Dwarrelplein, waarvan Van de Ven heeft aangegeven de ontwerpopdracht afgeslagen te hebben. Dit alles heeft Knoet danig gefrustreerd.[3]

Knoet werkt met vrienden aan een carnavalswagen (2013)

Wetenswaardigheden

  • Naast zijn werk voor de Efteling heeft Henny Knoet tientallen ontwerpen voor carnavalswagens gemaakt, waarin zijn kenmerkende vrolijke en bolle stijl vaak te herkennen is.
Verwijzingen
  1. 1,0 1,1 1,2 1,3 ABG-TV: Onder 4 Ogen: Henny Knoet (29 juni 2010)
  2. Kroniek van een Sprookje (2002), pag 153
  3. 3,0 3,1 3,2 Eftelist: Uit de gesprekken met Henny Knoet (augustus 2013)
  4. Brabants Dagblad: Ontwerper van de Efteling is nooit groter dan het park (12 mei 2007)
  5. Persoonlijk gesprek met Jan Verhoeven, september 2013