Bruidskleed van Genoveva
Intro genoveva.jpg
Geopend 1952
Gebaseerd op Het Bruidskleed van Genoveva
Opgetekend door Bob Venmans
Vorige Sneeuwwitje
Volgende Assepoester
Sprookjesbos, overzicht

Het Bruidskleed van Genoveva is het achttiende sprookje op de route in het Sprookjesbos. Het is het enige sprookje dat niet bestaat uit een uitgebeeld tafereel of een indoor show, maar uit levende dieren. De gekleurde duiven op het Herautenplein vormen de uitbeelding.

De Efteling koppelde aan de vogels een zelfgeschreven sprookje over een oude weefster die een bruidskleed moest weven, maar door haar blindheid geholpen moest worden door de duiven.

Uitbeelding

De gekleurde duiven die je ziet rondfladderen op het Herautenplein vormen de uitbeelding van dit sprookje dat door de Efteling zelf geschreven werd. De duiven zijn er in roze, cyaan en grasgroen. Er zitten ook veel witte duiven tussen en steeds vaker ook gewone stadsduiven die waarschijnlijk niet oorspronkelijk in de Efteling zijn uitgezet. Meestal zijn de duiven te vinden op een tak boven de uitgang van Assepoester, op de bestrating voor de Kleyne Klaroen en in de plantsoenen aan de westkant van het Herautenplein.

De Kleyne Klaroen verkoopt al sinds mensenheugenis zakjes met duivenvoer. Op het zakje is een fraai Pieck-prentje gedrukt, waarop de oude weefster uit het sprookje te zien is terwijl ze haar duifjes voert en een korte samenvatting van het verhaal. Het is de enige duidelijke verwijzing naar het sprookjesaspect van de vogels.

Achter de grot van Sneeuwwitje bevindt zich de duiventil waar de dieren overnachten. Vroeger uit het zicht voor de bezoekers, maar sinds 2009 goed zichtbaar vanaf het pad dat naar de ingang van het landhuis van de stiefmoeder van Assepoester loopt. Bovenop de grot van Sneeuwwitje staat een bakstenen torentje, waarin volgens het verhaal de wijze uil woont die de duiven in de juiste richting wijst om de oude vrouw te kunnen helpen. Op een illustratie van Anton Pieck voor "Het bruidskleed van Genoveva" is deze toren ook te zien, en op oud foto- en filmmateriaal uit de beginjaren zijn de duiven ook vaak rondom deze toren te vinden. Mocht men dus prioriteit stellen aan het benoemen van een specifiek gebouw als uitbeelding van dit sprookje, dan kan deze toren die functie wel gegeven worden.

Geschiedenis

De duiven in de oorspronkelijke kleuren op een oude ansichtkaart

Al sinds 1952 vindt men in het Sprookjesbos op het Herautenplein de gekleurde duiven.[1] Maar veel bronnen, waaronder het boek Zijn we d'r al?, noemen 1957 als het jaar dat de duiven kwamen. De duiven zijn echter in krantenartikelen, op foto's en op illustraties van Anton Pieck van voor dat jaar al aanwezig. Het begeleidende sprookje werd al in 1955 in een sprookjesboek gedrukt. Wel werd in 1957 een grotere duiventil geplaatst achter de grot waarin Sneeuwwitje ligt.

In 1959 is er kort geëxperimenteerd met het dynamischer maken van het sprookje: ieder kwartier werd er voer ter beschikking gesteld bij de Magische Klok zodat de duiven over het plein zouden vliegen. Dit was echter geen succes: de duiven werden schuw van de bel en de herauten, dus dit idee werd snel weer afgeschaft.

In 1965 kwam het verkooppunt op het Herautenplein. In 1975 werd de Grot van Sneeuwwitje vernieuwd. Henny Knoet had in zijn plannen voor het Herautenplein uit 1986 een Duivenvoer-automaat bedacht, maar deze is nooit gerealiseerd, ook niet toen de uitbreidingen van Tafeltje Dek Je, Ezeltje Strek Je en Sneeuwwitje in 1999 uiteindelijk wel kwamen.

In 2000 veranderde het verkooppunt in De Kleyne Klaroen. In datzelfde jaar werd er gestopt met het verven van de duiven, mogelijk door het failliet van de leverancier van de verf. Sinds 2005 zijn de duiven weer gekleurd, maar in plaats van de bonte kleuren als geel, rood en blauw zijn de duiven nu roze, cyaan en grasgroen.

Het kleuren van de duiven

In de biografie van Peter Reijnders, door Rob Smit, lezen we over het kleuren van de duiven:

Rond het kasteel vliegen, zoals in het sprookje "Het Bruidskleed van Genoveva" beschreven staat, gekleurde duiven. Peter Reijnders is hiervoor op het idee gekomen door zijn grootvader, H.B.J. van Rijn (1841 – 1928), burgemeester van Venlo van 1900-1921, en daarvoor apotheker. Evenals Peter Reijnders amuseerde hij zijn omgeving met allerlei geintjes. Zo had hij een duiventil met prachtig gekleurde duiven. Het geintje zat hem niet zozeer in de kleur, als wel in het aanbrengen van de kleur. Hiervoor werden de duiven viermaal per jaar ondergedompeld in een bad met een speciaal soort spiritusbeits. De vluchtige verf maakte de duiven voor enige tijd zat, wat bij iedere behandeling een kostelijk gezicht moet zijn geweest. Aanvankelijk doet Peter Reijnders niets met dit idee maar toen kwam het van pas. Door tussenkomst van de dierenbescherming werden ze later niet meer ondergedompeld maar met een kwastje geverfd. Dit bleek overigens alleen maar mogelijk met een speciale, uit Duitsland afkomstige verf: ‘Zweihorn Spiritusbeits’. Deze fabriek is failliet gegaan, waardoor de Efteling zich genoodzaakt zag alle verf op te kopen. Overigens is het niet ondenkbaar dat deze verf ook het geheim is achter Peter Reijnders’ duurzame kleurenfoto’s uit de jaren dertig.

Tegenwoordig worden de duiven op een milieu- en diervriendelijke manier gekleurd. Ze worden gespoten, en krijgen dus geen speciaal voer zoals veel bezoekers denken.[2] De vogels ondervinden geen last van dit proces, maar ondanks dat uiten sommige bezoekers hun boosheid over dierenmishandeling voor vermaak op de sociale media van de Efteling. In 2012 werden door de Partij van de Dieren zelfs Kamervragen gesteld over het verven van dieren naar aanleiding van de duiven in de Efteling en verhuuractiviteiten van een bedrijf dat geverfde duiven verhuurt voor bruiloften en partijen.[3]

Het sprookje

Oorsprong

"Het bruidskleed van Genoveva" is geen bestaand sprookje van 'de grote drie', Perrault, Grimm of Andersen. Het werd door de Efteling zelf gepubliceerd in Het Efteling Sprookjesboek uit 1955, geschreven door Bob Venmans.

Genoveva van Brabant

De legendarische figuur Genoveva van Brabant lijkt, op haar fraaie naam na, betrekkelijk weinig met het sprookje van Venmans te maken te hebben. De legende vertelt dat de onterecht van ontrouw beschuldigde Genoveva samen met haar pasgeboren zoontje tot de verdrinkingsdood werd veroordeeld. Ze wist te ontkomen naar een bos. Dankzij Gods bijstand werden zij daar zes jaar door een hert gevoed. De held Siegfried ontdekte hen toevallig tijdens een jacht en voerde hen naar het hof terug. De legende is waarschijnlijk rond 1400 door een monnik te boek gesteld, maar vond pas ruime verspreiding sinds het verschijnen van “L’innocence reconnue ou vie de Sainte Geneviève de Brabant” (1638) door de Franse jezuïet René de Cerisiers.

Het is niet helemaal duidelijk hoe de Efteling bij deze naam kwam voor haar eigen geschreven sprookje. Ongetwijfeld heeft de naam Genoveva ― tegenwoordig beter bekend onder de naar het Engels vertaalde naam Guinevère ― uit de sage over Koning Arthur en het Zwaard uit de Steen (inclusief alle mogelijke varianten, al dan niet met steen, meer, tovenaars etc), die ook rond deze tijd meer vorm moet hebben gekregen, geen kleine duit in het zakje gedaan. Daar Genoveva ook de “zwaarbeproefde huwelijkstrouw” vertegenwoordigt, is er in elk geval een subtiele link naar het huwelijk en bruidskleed in het sprookje rond de Efteling-duiven.

Vogels of andere dieren die helpen een klus te klaren vormen een vaker voorkomend sprookjesmotief. Walt Disney zette in de animatiefilm Cinderella (Assepoester1950) eveneens vogeltjes in om te helpen een feestjurk te maken.

Samenvatting

Prent van Anton Pieck met duiventorentje

Een prins ging trouwen met de liefste en mooiste prinses van alle landen. Haar naam was Genoveva. Samen reden ze voor het huwelijk door het land, en genoten van alle pracht die de natuur hen te bieden had. Wanneer ze langs de boterbloemen reden zei de prins: "Kijk, dát geel moet er in je bruidskleed te zien zijn." En even later: "En kijk, dat blauw daar, van die korenbloemen." De prinses glimlachte en zei: "Dát rood, van die klaprozen." Ze droomden het zo mooi dat het haast onmogelijk was het bruidskleed te maken.

Maar in het land woonde een oude weefster die zo goed was in haar vak dat ze de zijde zo fijn als spinrag kon weven en de teerste draden zo kunstig tot patronen vormde, dat bloem en blad wel op de stof leken te liggen. Alleen zij zou het kleed kunnen maken, en de prins reed dan ook naar haar toe. De weefster luisterde aandachtig naar de wensen van de prins, maar toen hij uitgesproken was bleef het stil. Toen pas zag hij, dat ze blind was van ouderdom, en dat twee tranen uit haar ogen vielen. Hoe zeer de weefster ook het bruidskleed wilde maken, ze kon het niet meer. Het weven van de patronen was geen probleem en de draden sturen ook niet. Maar de kleuren, die zou ze nooit meer uit elkaar kunnen houden. Teleurgesteld ging de prins terug naar zijn kasteel.

Illustratie van Anton Pieck bij het sprookje

De duiven, die van de oude weefster jarenlang lekker voer hadden gehad, keerden terug naar het bos, maar roekoeden de hele nacht door over die arme vrouw. De uil, waarmee zij goede vrienden waren, riep ze op om na al die jaren goede zorg iets terug te doen. Daarop besloten de duiven de oude vrouw te helpen. Zij kenden immers de kleuren van de bloemen op het land prima, en konden ook goed zien. Toen de weefster de volgende ochtend treurig achter haar weefgetouw zat, kwam er dan ook een duif door het open raam naar binnen gefladderd. En al snel waren alle duiven bij haar binnen gevlogen. "Wist ik nu maar wat groen was," sprak ze, en meteen pakte een duif een groene streng in zijn snavel en duwde die in de handen van de weefster. De weefster voelde hoe sterk de tinteling in haar handen was, en al snel schoot de spoel heen en weer door de schering die al gespannen stond. "Roze," zei ze, "zoals perzikbloesem". En weer bracht een duif haar de juiste streng.

Dagenlang werkten de duiven en de weefster aan het bruidskleed voor prinses Genoveva, tot het op een dag helemaal af was. Alle kleuren van alle bloemen waren er in verwerkt, maar mooier nog dan wie dan ook ooit had gezien. Eén van de duiven bracht bericht naar de prins die vervuld van geluk het kleed kwam halen. Toen de prins bij de weefster kwam en haar omhelsde zei ze: "Roept u de duiven maar, want zonder hen had ik dit nooit kunnen doen." Toen de duiven aan kwamen vliegen zag hij dat ze alle kleuren van de bloemen van het land en de prachtige stof van het bruidskleed hadden. Zó vaak en zó diep hadden ze tussen de stengen gezocht naar de juiste kleuren. Gewone duiven zijn wit of grijs, maar die van de oude weefster leken op bloemen, die door de wind waren opgenomen.

In de Eftelingse media

In boeken

In hoorspelen en luisterboeken

Het singletje van Het bruidskleed van Genoveva
  • Het werd eind jaren zestig door CNR als dertiende hoorspel uitgebracht op single in een serie van vijftien. Later verschenen er meer sprookjes op vinyl, om uiteindelijk gebundeld uitgebracht te worden op de bekende langspeelplaten onder de naam Sprookjes van de Efteling. "Het bruidskleed van Genoveva" is het enige sprookje in de serie dat niet op een langspeelplaat werd uitgebracht.
  • Op de tweede disc van het luisterboek van Sprookjesboek van de Efteling (2010) is een voorgelezen versie uit het boek te beluisteren.

Souvenirs en drukwerk

Duivenvoerzakjes

Voor meer informatie over het duivenvoer, zie Duivenvoer.

Duivenvoerzakjes door de jaren heen

De zakjes met duivenvoer zijn waarschijnlijk de oudste ― nog steeds verkochte ― Efteling-producten. Het wordt uitsluitend bij de Kleyne Klaroen verkocht. De zaden zitten in papieren zakjes met opschrift duivenvoer en een uitsnede van een prent van Anton Pieck van het sprookje, waarop we de blinde dame aan het weefgetouw zien omringd door duiven die haar helpen met de draden. Het ontwerp van het zakjes is door de jaren iets aangepast.

Plattegrond

Het Bruidskleed van Genoveva wordt in het park niet aangegeven met een wegwijzer, noch is er een kunststof sprookjesboek aanwezig. In programmaboekjes, folders en op de plattegrond werd het jarenlang niet aangegeven. Pas in 1982 tekent Henny Knoet op de parkplattegrond gekleurde duiven boven het Herautenplein, waarna in 1986 de geplande duivenvoer-automaat wordt ingetekend. Hoewel deze nooit werd uitgevoerd, bleef het gebouwtje voor jaren op de plattegrond staan. Toen in 2013 een nieuwe parkplattegrond werd gemaakt werd het sprookje eindelijk aangegeven in de legenda. Net als bij de vorige tekening, waarschijnlijk als een hommage, staan er gekleurde duiven (in het roze, blauw en grasgroen) boven het Herautenplein ingetekend.

Verwijzingen
  1. "Een Sprookjesbos Verrijst" uit Dagblad van Midden Brabant (1952) te vinden op het WWCW
  2. Bericht op de Efteling Facebook , 8 juni 2016
  3. Kamervragen over geverfde dieren, 2 april 2012