Loof en Eerhuys
Loof Eer huys.jpg
Functie Aanbidding en herdenking
Laven geen te zien, wel te horen en een dode verguld
Eerhuysmap.png
Locatie in het Lavenlaar
Laafhuysjes
Ontwerp voor het beeld van de Grote Laaf

Het Loof en Eerhuys is een gebouw in het Lavenlaar dat bestaat uit een kegelvormig bouwwerk met een rieten dak en een lavenpuntje bovenop, en aan de linkerkant een halve kegel, verbonden met een laag muurtje met poortje. Het is te vinden tussen het Lonkhuys en het Leunhuys, grenzend aan het centrale plein in het Lavenlaar.

Van een Laaf Products-plattegrond:

Elk Lavenhart zwelt van trots als hij het Loof en Eerhuys bezoekt.

Hier herdenken ze immers Vader Laaf, die zo heldhaftig zijn volk redde, maar daarbij zelf het Grote Lood legde.

Tegenover zijn gouden beeld kun je zien waar de Laven voor het eerst in de Efteling belandden. Luister maar goed, dan hoor je de achterblijvers nog steeds graven.

Gouden beeld

In de rechter ruimte is het gouden beeld van Stamvader Laaf te vinden, die tijdens de bare tocht van de Laven het Grote Lood legde. Het is hier opgesteld als een soort Boeddha die door de Laven vereerd en aanbeden wordt.

Door je hand op de lichtgevende plaat in de nis te leggen, stijgen er kaarsen onder zijn voeten, gaan de lampen branden en begint Vader Laaf vanwege de kaarsvlammen met zijn voeten te trappelen. Met de stem van Ton van de Ven maakt het beeld gelukzalige geluiden. Op de ontwerptekening wordt de Laaf Grote Laaf genoemd.

Tunnel

In de linker ruimte is het gat te zien vanwaar de Laven omhoog kwamen toen ze hun oerkreet "Alaaf!" hoorden. Het opschrift op een steen bij dit gat maakt dit duidelijk:

Lieve Lieden, Luister...
ziet hier het gat vanwaar de Laven kwamen

Het gat bevindt zich achter een rood hekje en is vrij ondiep, waardoor jammer genoeg de bodem te zien is en de illusie van een eindeloze tunnel wat verloren gaat. Er steekt een klein laddertje uit. Op het hek zijn twee speakers in de vorm van oren te vinden, waardoor je de geluiden kan horen van de achtergebleven Laven, die nog altijd hun weg aan het graven zijn richting de Efteling.