Klaterwater-ven op het Golfpark

Klaterwater is een keten van een zand- en een helofytenfilter en waterpartijen op het Efteling Golfpark, met als doel een milieuvriendelijk alternatief te creëren voor het grote gebruik van grondwater door de Efteling.

De Efteling heeft een jaarlijkse waterbehoefte van zo'n vierhonderdduizend kuub, die onder normale omstandigheden helemaal geleverd wordt uit dit filter. Het water dat uit het filter komt, heeft een doorzicht van minstens 60 cm en is goed genoeg om te voldoen aan de EU-zwemwaternorm; nuttig omdat in de roeivijver nog wel eens iemand te water raakte. Het project wordt, ondanks de ludieke naam, verder niet actief bij bezoekers onder de aandacht gebracht: de Efteling beschouwt het als een interne aangelegenheid. Wel wordt het project binnen de watermanagementwereld regelmatig aangehaald als voorbeeld van geslaagd duurzaam waterbeheer.

Overigens is voor "noodsituaties", zoals een blauwalgexplosie in het systeem, ook nog de klassieke bronpomp aanwezig in het park, die in overleg met de provincie tijdelijk de waterbehoefte van het park kan overnemen.

Aanleiding

In 1994 klopte de provincie aan bij de Efteling met zorgen omtrent de toenemende verdroging als gevolg van het vele grondwatergebruik door de Efteling. Bij het aanleggen van het golfterrein in 1995 zou deze behoefte, wegens de noodzaak van het besproeien, alleen nog maar toenemen. De provincie was niet bereid nog meer oppompen van grondwater toe te staan. In samenwerking met de provincie en het waterschap is het project Klaterwater gestart om hier een oplossing voor te bieden.

Werking

Het systeem werkt als volgt. De bron van het water is de uitstroom van de rioolwaterzuivering van Kaatsheuvel, waar zo'n 75 kuub water per uur het systeem binnenkomt. Op het terrein van de rioolwaterzuivering wordt het water eerst behandeld in een zandfilter, met als voornaamste doel om fosfaten te verwijderen door het toevoegen van ijzerchloride. Via een vier kilometer lange buis wordt het water naar het terrein van het Efteling Golfpark gebracht, alwaar het in een helofytenfilter terechtkomt: een rietveld van 0,8 hectare. Dit rietveld verwijdert de bacteriën, waarna het water in een keten van drie vennen uitkomt. In deze vennen wordt via actief biologisch beheer, zoals het vangen van karpers en het uitzetten van snoeken, algengroei voorkomen.

"Ven Zuid" is het eindstation: het water is nu 'schoon' en kan van hieruit naar de overige waterpartijen van het golfpark en het attractiepark gepompt worden. Het wordt ingevoerd op het hoogste punt van de Eftelingse waterpartijen, de Sprinklervijver, het noordelijke deel van de Siervijver. Van hieruit kan het zich via open verbindingen en duikers verspreiden naar onder andere het Ruigrijk, en via de oude Kanovijver en Karpervijver naar de Vonderplas. Om de Vonderplas (en met name de installatie van Aquanura daarin) bij overvloedige regenval niet te veel te laten variëren in waterniveau, is er ook een bypass via een duiker en sloot naast de Eftelingsestraat naar Bosrijk. Ook de waterpartijen in het vakantiepark Loonsche Land zijn sinds 2017 zo aangesloten op het circuit.

In 1997 is begonnen met het rietveld. Toen het hoge fosfaatgehalte bleef zorgen voor overmatige algengroei is in 2002 het zandfilter toegevoegd. Vanaf 2003 is het project, totale kosten zo'n anderhalf miljoen euro, als "geslaagd" verklaard. In 2013 werd de overeenkomst met het waterschap met nog tien jaar verlengd.

Verwijzingen
  • Klaterwater in de Efteling. In: Het waterschap: veertiendaags tijdschrift voor waterschapsbestuur en waterschapsbeheer, vol. 90 (2005) nr. 1 p. 6-8.
  • Klaterwater: duurzame watervoorziening op de Efteling. Koplopers van Brabant nummer 8, Milieu Overleg Lokale Overheden, 's Hertogenbosch.
  • Toelichting excursie Klaterwater. Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer, 2012.
  • Succesvolle samenwerking de Efteling en waterschap Brabantse Delta: Klaterwater van hoge kwaliteit. Persbericht Brabantse Delta, 4 juni 2013.
  • Mario Dieltjes (Efteling), Toelichting excursie Klaterwater op YouTube, kanaal STOWA.