Riet Tuerlings (uiterst rechts) verwelkomt samen met Diender de miljoenste bezoeker van 1966

Riet Tuerlings was de directiesecretaresse van de Efteling vanaf de beginjaren tot ongeveer 1970. Ze werkte onder meer voor Joop Salet, Ad van den Meijdenberg en Ab Diender.

De ondersteuning deed ze volgens Diender “op zeer verdienstelijke wijze”.[1] Ze was aanwezig bij het sollicitatiegesprek van Ton van de Ven.[2]

Ze had ook een ondersteunende taak in de ontwikkeling van attracties uit die jaren. Zo gaat ze naar aanleiding van een adviseursbespreking met Pieck en Reijnders over het toevoegen van een verhaal aan Roodkapje op zoek naar een geschikt versje.[3]

In 1966 werd in het Algemeen Dagblad een anekdote aangehaald dat de personeelsleden van de Efteling duizendpoten waren en dat Tuerlings, naast het notuleren, ook verantwoordelijk was voor het uitdelen van lolly's aan verdwaalde kinderen, koffie zetten, het aankleden van Sneeuwwitje en Doornroosje en het terugstoppen van dukaten in Ezeltje Strek Je.[4]

Ze werd opgevolgd door Marcelle van den Hoven.

  1. Visiestuk ‘Het toekomstig beleid vraagt eenheid in denken’ (1969) zoals aangehaald in Kroniek van een Sprookje p. 81
  2. Aaw Nieuws?: Interview Ton van de Ven. November 2012 nr 2.
  3. Hover, M. E. J.: De Efteling als 'verteller' van sprookjes, 2013
  4. "Koningin Fabiola maakt sprookje voor De Efteling”, Algemeen Dagblad, 16-04-1966.