Marten Toonder in 1986

Marten Toonder (Rotterdam, 2 mei 1912 – Laren, 27 juli 2005) was een belangrijk Nederlands stripauteur, het meest bekend als geestelijk vader van Olivier B. Bommel en Tom Poes.

Toonderstudio's

Na zijn HBS maakt Toonder een zeereis naar Argentinië, waar hij Jim Davis ontmoet, voormalig medewerker van de Sullivan studio's (waar de Felix the Cat films werden gemaakt) die hem inspireert om ook strips te gaan maken. In 1939 vestigde Toonder zich zelfstandig. Twee jaar later startte hij een samenwerking met Joop Geesink, Toonder-Geesink productie. Het bedrijf richtte zich naast stripverhalen ook op reclame- en tekenfilms. In 1943 gingen ze echter alweer uit elkaar, hetgeen de start van Geesink Studio's en Toonder Studio's betekende.

Het bedrijf richtte zich daarna op het produceren en uitbaten van strips, waarvan Tom Poes en Olivier B. Bommel veruit de meeste roem genoten. Tot op heden beheert het bedrijf de rechten van de Toonder-universa en is in handen van de erfgenamen Toonder. Uit de studio's zijn diverse talenten voortgekomen, zoals tekenaars Dick Matena, Thé Tjong-Khing en schrijvers Lo Hartog van Banda en Paul Biegel.

Benaderd voor de Efteling

Toonder werd begin jaren vijftig benaderd door Peter Reijnders om mee te werken aan Reijnders' plan voor het Sprookjesbos. Burgemeester Van der Heijden had een voorliefde voor zijn werk. Toonder echter trok zijn neus op voor het project, waarna Reijnders waarschijnlijk besloot Anton Pieck te benaderen.[1]

Rommeldam in Oisterwijk

Het succes van de Efteling, geopend in 1952 was in de regio niet onopgemerkt gebleven. In 1955 werd in Oisterwijk attractiepark Rommeldam geopend, gebaseerd op Toonders Tom Poes en Heer Bommel. Initiatiefnemers waren de Oisterwijker ondernemer Theo Sluiter van café-restaurant de Gemullenhoeken, en Broos Dröge van OTEX Kunstwol en speelgoed, die al Toonderbeeldjes produceerde.

In de voormalige theetuin van het restaurant, grootte 2 hectare, werd een begin 1955 een stadje gebouwd van maar liefst vierhonderd polyester huisjes. De gebouwtjes werden ontworpen door Kees van de Weert van Toonder Studio's. Ze waren slechts zo'n 85 cm hoog, met als uitzondering het slot Bommelstein en het stadhuis van twee meter, en werden geproduceerd door L.H. Gielissen's Bedrijven, Internationale Tentoonstellingsbouw te Eindhoven. Rond de huisjes vond men vijfhonderd beeldjes van de bekende figuren uit het Bommeluniverum, elk 15 cm hoog, allen ontworpen door Toondermedewerker Jan Ernst Onkenhout. Het stadje bevatte ook tweeëntwintig gesponsorde objecten. Naast de huisjes werden bezoekers vermaakt door Heer Bommel en Tom Poes in looppakken.

De opening van Rommeldam had plaats op 29 juni 1955. Godfried Bomans was naar Oisterwijk afgereisd en sprak een even hilarische als schertsende rede uit (terug te lezen in Nieuwe Buitelingen).[2] Het eerste jaar liep nog erg voorspoedig, met 120.000 bezoekers, maar die zakken in 1956 naar 70.000 en 32.000 in 1957. Het park blijft een financieel zorgenkindje en maakt geen winst. In 1959 is het slechts twee maanden open, met 16 september 1959 als allerlaatste openingsdag. Het faillissement wordt uitgesproken. Als reden wordt met name de veel te hoge investeringen gegeven die nooit terugverdiend konden worden.

Er zijn enkele locaties in beeld geweest om het dorp over te nemen, waaronder het Amsterdamse Bos. Ook met de Efteling zou gesproken zijn geweest. Dit ketste steeds af op de hoge licentiekosten die aan Toonder betaald moesten worden, hetzelfde probleem waaraan het park in eerste instantie al ten onder ging.

De huisjes zijn allemaal voor een paar gulden per stuk verkocht en konden nog jarenlang teruggezien worden in diverse Oisterwijkse tuinen. Vijf bandrecorders, die in Rommeldam onder andere het geluid van de draak en het kerkorgel verzorgden, werden verkocht aan de Efteling.[3][4]

Verwijzingen
  1. Nazaten van oprichters als eerste bij nieuwe attractie Efteling, de Telegraaf, 8 november 2012
  2. Godfried Bomans, Nieuwe Buitelingen. Elsevier, 1955.
  3. dr. J.L.F.M. Cornelissen: Rommeldam. De geschiedenis van een miniatuurstadje. Marten Toonder Verzamelaars Club, Tilburg, 1998.
  4. dr. J.L.F.M. Cornelissen: Rommeldam in Oisterwijk. Een miniatuurstad in unieke beelden. Europese Bibliotheek, Zaltbommel, 2001.